amnestyleiden@gmail.com

The Attack: over voortvluchtige waarheid en hardnekkig vooroordeel

 Foto: Marnix van der Beek

 

Maandag 6 oktober 2014 opende het Movies That Matter-seizoen met de speelfilm The Attack, over een zelfmoordaanslag op een restaurant in Tel Aviv.

 

De film volgt de zoektocht van de verse weduwnaar, tevens succesvol Palestijns-Israëlisch chirurg, naar degenen die zijn vrouw gehersenspoeld moeten hebben - want zij schijnt dader te zijn geweest in plaats van pechvogel, op de verkeerde plek op het verkeerde moment.

 

Na afloop gaf socioloog/antropoloog Dina Zbidat (Universiteit van Amsterdam), van Palestijns-Nederlandse afkomst, opgegroeid in een Palestijns stadje in het Noorden van Israël, toelichting.

 

Gevraagd naar haar mening over de film begon Zbidat met wat leek op een principiële uitspraak. Alleen al als antropologe was zij het standpunt toegedaan dat er niet één waarheid bestaat. Voor haar persoonlijk was de film allereerst een hartverscheurend liefdesverhaal, dat, ook bij de tweede keer zien, de tranen op haar wangen bracht. 

 

Niettemin beantwoordde Zbidat daarna vragen die over meer politieke kwesties gingen, die door de film ook opgeworpen worden.

 

 

De film speelt ten tijde van de Tweede Intifada, waarin de Muur werd gebouwd, zelfmoordaanslagen plaatsvonden en in Jenin een bloedblad werd aangericht, waarnaar in de film verwezen wordt. Een meer militante Palestijn, die gewapend verzet en mogelijk ook terroristische aanslagen niet betreurt, verwijt de chirurg een luxueus leven te leiden, op zichzelf gericht, terwijl zijn volk lijdt.

 

Zeker heeft dr. Jaafari, de chirurg, zijn familie op de West Bank verwaarloosd, mogelijk de prioriteit gelegd bij het werken aan zijn carrière. Zbidat merkte op dat er in Israël meer succesvolle Palestijns-Israëli als dr. Jaafari zijn. Hun familie is doorgaans trots op hen.

 

Van Israëlische zijde ondervinden ze geen problemen, mits men binnen scherp afgebakende lijntjes blijft, waarvan de belangrijkste is: de Palestijnse kwestie niet aan de orde stellen. In het algemeen geldt dat je als Palestijn, wil je verder komen, bepaalde onaangenaamheden moet verdragen kunnen.

 

Zbidat huldigde een ruimere opvatting van 'verzet plegen' dan het militant personage in de film. Als ouders volhouden je kinderen een goede opleiding te willen geven valt er voor haar bijvoorbeeld onder.

 

Later in het gesprek vertelde Zbidat over de 'institutionele discriminatie' in het onderwijs. Haar eigen school had geen verwarming gehad, nauwelijks computers en de klasomvang was het dubbele van die van klassen waar Joods-Israëlische kinderen schoolgingen.

 

De Israëlische overheid heeft wel verklaringen voor dit verschil en zegt dat de luxe komt van buitenlandse particuliere sponsoren, die alleen Joodse scholen in hun fondsen willen laten delen.

 

[Toevoeging eind oktober:] Volgens Nurit Peled-Elhanan, hoogleraar sociologie aan de Hebreeuwse Universiteit die een omvattend onderzoek naar het Israëlisch lesmateriaal op openbare scholen heeft gedaan, is geen enkele verwijzing naar Palestijnen in boeken gebruikt in het Israëlische middelbaar onderwijs positief.

 

Palestijnen worden ofwel beschreven als “Arabische boeren zonder nationaliteit” ofwel als “terroristen”. Hier een artikel over de recente onderwijssituatie in Oost-Jeruzalem. [einde toevoeging].

 

In bepaalde internetstukken over de film werd gemeld dat de film niet in Arabische landen kan worden vertoond. Dit werd geweten aan de Arabische moeite met genuanceerde uitbeelding van Israëliërs. Zbidat had dit voor aanvang uitgezocht.

 

Rigide vooroordelen komen aan beide zijden voor maar de filmboycot had daar volgens haar mee niets te maken. De boycot was een uitvloeisel van de door de Arabische Liga ingestelde culturele boycot van Israël. Maar, aldus Zbidat, Arabieren die de film willen zien vinden heus hun weg naar DVD's wel, dat is staande praktijk in de regio.

 

Op de vraag of de film mogelijke vooroordelen over Palestijnen bij Israëli's zou kunnen helpen wegnemen - vooroordelen als: Palestijnen zijn terroristen, uit op Israëlisch bloed, waaraan ze zelfs hun kinderen opofferen - antwoordde Zbidat voorzichtig. Bepaalde groepen mensen, zij met zeer sterke vooroordelen, lijken onbereikbaar voor informatie die niet in hun wereldbeeld past. Maar de groep daaronder kan er wel wat aan hebben.

 

Eenzelfde antwoord gaf Zbidat later op de vraag of sociale media, met hun veelheid aan subjectiever stemmen, vaste vooroordelen zouden kunnen helpen ondermijnen. Ook hier zoeken sommige mensen alleen maar informatie die hun gelijk bevestigt.

 

Uit de zaal vroeg o.a. iemand naar de demografische ontwikkelingen. De Palestijnse bevolking groeit veel sterker dan de Israëlische, waardoor dit op termijn een bedreiging kan vormen voor de 'Joodse' staat Israël.

 

Zbidat beaamde dat deze kwestie besproken wordt in de Israëlische politiek. In het verleden heeft men vers Joods bloed geïmporteerd, door bijvoorbeeld Ethiopische Joden het land binnen te laten. Verder wordt openlijk gesproken over het deporteren van groepen Palestijnen over de Jordaanse grens, of over landruil, waardoor Israël stukken nu dunbevolkt Palestijns gebied zou krijgen.